Geschiedenis in een notendop

De oorspronkelijke parochie

In 1270 was er voor het eerst sprake van de Sint-Katarinaparochie, gesticht als dochterparochie van de O.-L.-Vrouwekerk in Brugge. Ze was deels gevestigd binnen de Brugse poorten (ongeveer de huidige Maria Magdalenaparochie), deels buiten de stadsvestingen op de ‘paallanden’, ongeveer de huidige deelgemeente Assebroek, met uitzondering van de oude parochie O.-L.-Vrouw van Assebroek.

Reeds in 1270 werd de kerk gebouwd, op grond die geschonken was door Maria van Constantinopel, gravin van Vlaanderen, op de hoek van de huidige Vestingstraat en Edward de Denestraat. Deze kerk werd gesloopt in 1382 uit veiligheidsoverwegingen tijdens de opstanden met het Franse leger en herbouwd rond 1400 op ongeveer dezelfde plaats en met hetzelfde plan. Ze werd opnieuw gesloopt in 1578, opnieuw uit veiligheidsmaatregelen, nu voor de godsdienstoorlogen.

Kerk anno 1562Kerk anno 1562

De parochie kwam deze slag nooit meer te boven. De parochie bleef bestaan met een eigen pastoor maar de parochie-zonder-kerk verhuisde meermaals van kapel voor de erediensten. Deze toestand bleef bestaan tot 1803 toen een reorganisaties van de Brugse parochies werd uitgewerkt: het gedeelte van de parochie binnen de stadsvestingen werd in 1809 officieel de H. Maria Magdalenaparochie, het gedeelte buiten de stadsvestingen werd toegewezen aan O.-L.-Vrouw van Assebroek.

De huidige parochie

Toen rond 1905 het belangrijke metaalbedrijf ‘La Brugeoise’ zich vestigde te Sint-Michiels, kwamen veel werknemers wonen in het nieuwe kwartier ten oosten van de ‘Steenbrugse Wandeling’ zoals de Baron Ruzettelaan toen door het volk gemoedelijk werd genoemd. De huidige Wantestraat, Barthelsstraat, Korte Dwarsstraat, Kleine Kerkhofstraat, Brugeoisestraat vormden de nieuwe wijk voor arbeiders, bedienden en kaderleden.

Op 1 augustus 1907 richtten de inwoners uit deze nieuwe woonwijk een verzoekschrift om in dit volkrijk gehucht een nieuwe parochie te stichten. Over de noodzaak om een nieuwe parochie op te richten was men het vlug eens, over de grenzen van die parochie verliep de discussie uiterst moeizaam. Uiteindelijk werd bij KB van 14 maart 1910 de nieuwe Sint-Katarinaparochie in het gehucht Steenbrugge opgericht.

Er was een nauwkeurige grensbeschrijving en de parochie telde 3133 parochianen, waarvan 461 woonden op het grondgebied van Sint-Michiels.

Leonard Goethals (1910-1914), benoemd op 4 april 1910, werd op zondag 17 april plechtig afgehaald door 30 ruiters aan de dekenij van O.L.Vrouw te Brugge. In stoet trok de nieuwe pastoor naar de Sint-Katelijnepoort waar hij werd opgewacht en verwelkomd door de gemeenteraad van Assebroek. De stoet trok verder naar Steenbrugge en keerde pas dan terug naar de Wantestraat om naar de kapel van het klooster te gaan waar de plechtige installatie plaats vond.

Op 17 augustus 1911 werd Albert Schreurs (1911-1923) tot eerste onderpastoor benoemd in de snel groeiende parochie. Deze twee priesters maakten er een bloeiende parochie van.

De bouw van een parochiekerk was de eerste belangrijke taak. Ondertussen kon de parochie wel vrij vlug gebruik maken van een noodkerk: sinds 1908 stond er in de huidige Sint-Katarinastraat een klooster van de Zusters van Spermalie van Brugge met een meisjesschool. Vanaf april 1910 deed de kapel en aanpalende klaslokalen dienst als voorlopige kerk en sacristie.

Hoewel de besprekingen voor de bouw van de nieuwe kerk uiterst moeizaam verliepen met knelpunten rond plaats, subsidies, gemeenteraden, kerkfabriek, werd in februari 1912 een wedstrijd uitgeschreven voor architecten. De jury weerhield het project van ing.arch. Alfons Van Coillie uit Roeselare en in augustus 1913 werden de plannen goedgekeurd in de gemeenteraad. Als laatste in de rij stemde de provincieraad in juli 1914 een toelage goed van 1/5 van de totale onkosten die geraamd werden op 136 593 BEF.

Helaas, op 4 augustus 1914 werd ons land meegesleurd in een wereldoorlog en schreef pastoor Goethals in zijn dagboek: "’t is te vreezen, alles valt in duigen voor een langen tyd".

De tweede en derde pastoor Emiel Roelens (1914-1921) en Michiel Vandenberghe (1921-1932) konden door de oorlogsjaren en de nasleep ervan niet aan de uitvoering van de bouwplannen beginnen.

Toen Cyriel Deschoolmeester(1932-1941) op 24 juli 1932 als vierde pastoor werd aangesteld, was er nog steeds geen kerk, geen pastorie of onderpastorie. Hij en onderpastoor Jozef Maes (1923-1943) maakten nieuw werk van de bestaande bouwplannen. Alles werd herbekeken en op 31 december 1932 konden de notariële akten ondertekend worden voor de bouwterreinen van kerk, pastorie en onderpastorie. Ing.arch. Van Coillie had intussen ook zijn vergeelde plannen bijgewerkt.

Nadat de allerlaatste handtekening was gezet kon uiteindelijk op 17 juli 1933 de openbare aanbesteding plaats vinden in de parochiezaal.

  • Eerste spadestreek : 25 augustus 1933
  • Meitak op de kap gehesen: 17 februari 1934

De pastoor schreef in zijn dagboek: "’t wordt elke dag hoe langer hoe schoner".

Kerk anno 1934Kerk anno 1934

Op 12 mei 1935 kwam uit het Luxemburgse Tellin de grote Sint-Katarinaklok (900 kg) toe. Mgr. H. Lamiroy zegende de nieuwe kerk en de 3 altaren in op woensdag 16 mei 1934. Pastoor Deschoolmeester schreef in zijn dagboek: "Deo gratias". Het orgel werd ingezegend op 23 december 1934.

Maar niet alleen de kerk, ook de pastorie en de onderpastorie kregen vorm: op 5 januari 1933 werd de eerste steen gelegd van de huidige pastorie en in juni 1933 konden pastoor en onderpastoor in hun nieuwe huis intrekken.

De vijfde pastoor werd Richard Vanden Bossche (1941-1954), de nieuwe onderpastoors Alfons Dehulster (1943-1961) en René Vergote (1943-1959).

In 1946 werd de nieuwe parochiale feestzaal gebouwd op een deel van de speelplaats van de jongensschool. Het is de huidige zaal Rustenhove, 23m lang en 14m breed en uitgerust voor toneel- en filmvoorstellingen. Zo werd die zaal het trefpunt voor alle parochiale verenigingen.

De zesde pastoor werd Maurice Willaert (1954-1957). Hij werkte vooral het hoofdaltaar en de glasramen verderaf.

Leopold Grymonprez (1957-1982 ) werd de zevende pastoor.

In 1960 kreeg de kerk, ter gelegenheid van het vijftigjarig bestaan van de parochie, haar tweede en derde klok: de Mariaklok weegt 1050 kg en de St.-Annaklok 450 kg. en zijn afkomstig uit Doornik.

De medepastoors waren achtereenvolgens Maurits De Cock (1959-1967), Oscar Robert (1961-1968), Jozef Van Coppenolle (1967-1978), Marcel De Keersemaecker (1969-1970), Hugo Decroos (1970-1974), Frans Van Oudenhove (1974-1980), Walter Ramon (1979-1979).

In 1974 maakte stad Brugge een uitweg naast de kerk, gedeeltelijk in de hof van de pastorie, om zo de nieuwe wijk achter de kerk dichter bij de kern te brengen. Ook het kerkplein werd verfraaid.

Johan De Keyser (1980-1994) kwam als medepastoor en kreeg 2 jaar later Jozef Dejonghe (1982-1998) als achtste pastoor. Omdat de op rustgestelde pastoor Grymonprez in de pastorie bleef wonen betrok de nieuwe pastoor een ander huis van de kerkfabriek, Sint-Katarinastraat 114. Geert Rosseeuw (1994- 1999) verving Johan De Keyser.

Ondertussen was oud-pastoor Grymonprez gestorven en was de pastorie mooi vernieuwd zodat Jozef Dejonghe kon verhuizen naar nummer 122. Toen Jozef Dejonghe in 1998 op rust ging en verhuisde naar de Kleine Kerkhofstraat kwam een nieuw duo zich vestigen: Rudi De Smedt (1998-…) en Luc De Graeve (1998-2001) vormden een team dat samen verantwoordelijk was voor de parochies Sint-Katarina en Sint-Lutgardis.

In 1999 werd een parochieteam aangesteld voor een periode van 4 jaar. Drie teamleden vormden samen met de priester het beleidsorgaan van de parochie. Teamleden kunnen na 2 jaar stage in een team, effectief 2 termijnen van 4 jaar dit mandaat opnemen. In november 2007 gebeurt de eerste wissel. Het mandaat van de eerste teamleden loopt ten einde en de teamleden-in-stage worden officieel aangesteld.

Ondertussen werd in 1998 ook de Federatie Assebroek gevormd. Dit bracht een nieuw Assebroeks landschap voor de pastoraal. Aanvankelijk gestart met 6 parochies werd al vlug Sint-Lutgardis als zelfstandige parochie opgezegd en bij O.L.Vrouw Onbevlekt Ontvangen (Ver-Assebroek) gevoegd.

Zo bestaat de huidige federatie Assebroek uit de vijf parochies Heilig Hart en Heilig Philippus (Steenbrugge), Sint-Jozef en Sint-Kristoffel, Maria Assumpta, Onze-Lieve-Vrouw Onbevlekt Ontvangen (Ver Assebroek) en Sint-Katarina.

De moderator werd E.H. deken Johan Goemaere, bijgestaan door de priesters Johan Allegaert, Luc De Graeve (nieuwe benoeming in 2001), Rudi De Smedt, Arthur Verscheure (op pensioen sedert september 2006) en diaken Willem de Witte.
Nadat Arthur Vescheure de federatie verlaat wordt als parochiale verantwoordelijke  zuster Ria Janssens door de bisschop aangesteld.

In juni 2007 is E.H. Frans Essel benoemd in het priesterteam  van de federatie. Hij verlaat de federatie in 2009 voor een nieuwe benoeming.
Ook in 2007 wordt de heer Eric De Rous tot permanent diaken gewijd in de kerk van Sint-Katarina.  Hij wordt benoemd tot medeverantwoordelijke in de federatie Assebroek.
In 2009 wordt de heer Frank Van Renterghem tot permanent diaken gewijd, eveneens in de kerk van Sint-Katarina en wordt ook hij benoemd in de federatie Assebroek.

Zo ziet anno 2009 de federatie Assebroek eruit:
Moderator E.H. deken Johan Goemaere
priesters Johan Allemaert en Rudi De Smedt
permanent-diakens Willem de Witte, Eric De Rous en Frank Van Renterghem.